Psalm 134

Vers 1
Looft, looft nu aller heren HEER,
Gij zijne knechten, geeft Hem eer;
Gij, die des nachts Zijn huis bewaakt,
En voor Zijn dienst in ijver blaakt. 

Vers 2
Heft uwe handen naar omhoog,
Slaat naar het Heiligdom uw oog,
En knielt eerbiedig voor Hem neer;
Looft, looft nu aller heren HEER. 

Vers 3
Dat 's HEEREN zegen op u daal';
Zijn gunst uit Sion u bestraal';
Hij schiep 't heelal, Zijn naam ter eer;
Looft, looft dan aller heren HEER. 

Struikelblokken

Evangelicals

Gezonden

Als een kind

Zonder berouw geen vergeving

Zulks zingt dat volk (deel 6)

Wildeman, Meditaties over psalmen

Egbert Juffer zingt Psalmen

Herademen Met De Psalmen

Beker Met Een Barst

SV | HSV | KJV | FR | DU | AFR | ESP

Psalm 134

1 Een lied Hammaaloth. Ziet, looft den HEERE, alle gij knechten des HEEREN! gij, die allen nacht in het huis des HEEREN staat.

2 Heft uw handen op [naar] het heiligdom, en looft den HEERE.

3 De HEERE zegene u uit Sion, Hij, Die den hemel en de aarde gemaakt heeft.

Over psalmboek.nl

Contact

Copyright 2020


Sponsor: Erdee Media Groep