L
Laat ieder 's HEEREN goedheid loven;
Laat ons den rustdag wijden
Laat Uw genâ ons met haar troost verrijken,
Leer mij naar Uw wil te hand'len,
Leid mij, HEER; ik zou in 't stijgen
Let toch, en zie op vromen en oprechten;
Lof zij den God van Israël,
Loof, aarde, loof Gods wonderdaân;
Loof, loof den HEER', mijn ziel, met alle krachten;
Looft God, met bazuingeklank;
