Bijbelstudie
Algemene stukken Psalmen 1-40 Calvijn Psalm 1 en 2 Psalm 3 en 4 Psalm 5 en 6 > Meer Jeugdbijbel
Spreuken 1:8 Spreuken 1:17 Spreuken 2:4,5 Spreuken 2:7 Spreuken 3:1,2 > Meer Van Bishop J.C Ryle
Johannes 3:1-8 Johannes 4:28-29 Johannes 5:29 Johannes 6:47 Johannes 8:56 > Meer

Psalm 49 en jij

Auteur: ds. W. Pieters

Volgens de voormalige joodse rabbi Salomon Duijtsch, zit er in Psalm 49 een geheim. De dichter gebruikt in het begin zulke woorden dat je hooggespannen verwachtingen koestert: het gaat over spreuken vol wijsheid…. Lees je verder, dan staat er kort samengevat: dat iedereen gaat sterven.

Nu, denk je, dat wist ik al. Daarom moeten we achter de schijnbaar zo bekende dingen (alle mensen gaan sterven) kijken of er iets dieper verborgen zit. En dat zit er: in vers 8. Daar staat: “Niemand zal zijn broeder ooit kunnen verlossen. Hij zal aan God zijn losgeld niet kunnen geven.”

Het ontgaat de aandachtige lezer niet dat hier ontzaglijke dingen worden gezegd.

In de eerste plaats dat de dood met een ijzeren noodwendigheid komt. Waarom? Omdat Gods heilig recht de doodstraf eist op de zonde.

In de tweede plaats gaat het over een losgeld. En dáár ziet de christen geworden rabbi, Christiaan Salomon Duijtsch een duidelijke heenwijzing naar het losgeld dat de beloofde (en nu ook gekomen) Messias zal opbrengen: Zijn kostbaar bloed, Zijn volkomen verzoening.

Dáárover gaat het in Psalm 49. De noodzaak van een Zaligmaker wordt hier op oudtestamentische manier aan de orde gesteld: buiten Jezus is geen leven. Buiten Zijn offerdood is er geen genade mogelijk. Dus niet ‘genade in plaats van recht’, maar ‘genade gegrond op recht’. Maar dan niet het recht dat wij kunnen laten gelden, maar het recht dat Jezus Christus als onze Hogepriester bezit en waarop Zijn voorbede in de hemel is gegrond.

Psalm 49 is dus veel dieper dan je zou denken. Het begin van de Psalm zegt dat ook, maar je ziet het niet zomaar. Alleen als het licht van zondeval én Golgotha erover valt… Dan biedt vers 15 zelfs uitzicht op de opstanding uit de doden: “De dood zal hen afweiden en de oprechten zullen over hen heersen in die morgenstond” = ‘wanneer zij uit hun slaap zullen ontwaken tot de zalige opstanding door de kracht van hun Hoofd Jezus Christus.’

O volken, hoor wat tot u wordt gezegd.  
Bewoners van de wereld, overlegt. 
Of u eenvoudig of aanzienlijk bent,
’t Zij rijk of arm, dat elk zich tot mij wend’.
’t Is enkel wijsheid wat mijn mond verlaat;
Bedacht in ’t hart dat ’t Woord van God verstaat 
Ja, ‘k neig mijn oor en luister, ‘k zal op snaren 
Met harpgezang de spreuken Gods verklaren.

Een kernvers is:

God zal mijn ziel
van het geweld
van het graf
verlossen.
Want Hij zal mij
opnemen.

 

 

Sponsor:

Royal Jongbloed

Bijbels met Psalmen

Bijbels Herziene Statenvertaling

Bijbels voor jongeren

Kinderbijbels

Uitgeverij Groen