Algemeen
Digitaal schoolbord Over de berijmingen De Franse berijming Citaten (1) Citaten (2) > Meer Over de Psalmen
Psalmen in de Bijbel Hebreeuwse Poëz... Hebreeuwse Poëz... Geweldsteksten Hebreeuwse Poëz... > Meer Opinie
Onbekende psalmen Aangeboren muzikal... Psalmkeuze Populaire psalmen Aanpassen melodie > Meer Ingezonden
Rubriek ingezonden Zingen van psalmen Geschiedenis Psalmen Meditatie over psa... Verantwoording Mee... > Meer Studie berijmingen
Over Psalmen gespr... Over Psalmen gespr... Over Psalmen gespr... Over Psalmen gespr... Verder kijken
Ds. W. Pieters Catechisatieles
Catechismus vr. 1 Catechismus vr. 2 Catechismus vr. 3 ... Catechismus vr. 6 Catechismus vr. 10 > Meer Dordtse Leerregels
H 1 artikel 1 H 1 artikel 2 H 1 artikel 3 en 4 H 1 artikel 5 H 1 artikel 6 > Meer Hoe moet ik omgaan met
Aalmoezen Aanvechtingen Achterklap Afgoderij Alcohol > Meer Des HEEREN Lof
Johannes à Lasco ... Johannes à Lasco ... Johannes à Lasco ... Johannes à Lasco ... Johannes à Lasco ... > Meer wat de bijbel zegt over
Abraham Benauwdheid De drie-eenheid (1) De drie-eenheid (4) De drie-eenheid (2) > Meer De Catechismus van Genève
Vraag 1 t/m 5 Vraag 6 t/m 14 Vraag 15 t/m 20 Vraag 21 t/m 29 Vraag 30 t/m 45 Vraag 46 t/m 49 Vraag 50 t/m 54 Vraag 55 t/m 59 Vraag 60 t/m 64 Vraag 65 t/m 72 Vraag 73 t/m 79 Vraag 80 t/m 87 Vraag 88 t/m 91 Vraag 92 t/m 100 Vraag 101 t/m 105 Vraag 106 t/m 110 Vraag 111 t/m 113 Vraag 114 t/m 125 Vraag 126 t/m 130 Vraag 131 t/m 135 Vraag 136 t/m 142 Vraag 143 t/m 157 Vraag 159 t/m 165 Vraag 166 t/m 184 Vraag 185 t/m 195 Vraag 196 t/m 199 Vraag 200 t/m 203 Vraag 204 t/m 207 Vraag 208 t/m 212 Vraag 213 t/m 216 Vraag 217 t/m 223 Vraag 224 t/m 232 Vraag 233 t/m 239 Vraag 240 t/m 252 Vraag 253 t/m 255 Vraag 256 t/m 259 Vraag 260 t/m 265 Vraag 266 t/m 295 Vraag 296 t/m 308 Vraag 309 t/m 323 Vraag 324 t/m 332 Vraag 333 t/m 339 Vraag 340 t/m 356 Vraag 357 t/m 373 Staan tijdens het ... Bijbelstudie
Psalm 1 Psalm 2 en jij Psalm 23 en jij Psalm 3 en jij Psalm 4 en jij > Meer Waar jij mee zit
Psalm 40 en jij Gospelmuziek Onbekeerd na een k... Gods berouw De speelfilm > Meer Vruchten Heilige Geest
Liefde Blijdschap Vrede Lankmoedigheid Goedertierenheid > Meer De Wet van Mozes en jij
Ceremoniële geb... Eerbied en slaven Praktische wetten Spijswetten en las... Tijdsindeling en S... > Meer Ergens las ik
Opvoeding jeugd De naaste in nood ... William Grimshaw (1) William Grimshaw (2) Citaten Spurgeon e... > Meer Woorden en bevelen van Jezus
Bevelen van Jezus ...

Dominee William Grimshaws omkering en verdere leven

Auteur: ds. W. Pieters

Sommigen die eerder tot inzicht zijn gekomen van hun nood, vinden nu door middel van de prediking van dominee Grimshaw, door de genade en vergeving van Christus vrede, want dominee Grimshaw mag nu uit eigen ervaring preken over het wezen en de heerlijkheid van het geloof van een Chris­ten en van de zalig­heid door Christus alleen. Maar duidelijk is dat de duivel ─ die William Grimshaw zo lang in zijn macht gevangen hield ─ hem opnieuw in geestelijke boeien pro­beert te krijgen.

Al spoedig wordt hij opnieuw door twijfel en vrees gekweld. Later schrijft hij: bij sommigen duurt die grote blijdschap maar een maand of twee en bij anderen niet langer dan een week of twee. En zo ondervindt hij het zelf. Hij vraagt zich af of zijn heerlijke vreugde niet maar inbeel­ding is. Zijn grootste aanvechting komt voort uit gebrek aan heiligma­king. Hij ver­moedt dat God een zondaar pas kan aannemen, wanneer die een bepaalde mate van heiligheid heeft bereikt.

Grimshaw bevindt in zich een geestelijke wildernis. En opnieuw gebruikt God een boekje om Grimshaw te hulp te komen. Een jongen van zeventien jaar, die onder de ernstige prediking van dominee Grims­haw tot diepe overtuiging van zijn zonden is gebracht en die door de vroege­re prediking van Grimshaw niet kan worden geholpen, krijgt een preek in handen, getiteld `Het medicijn van de rechtvaardiging des mensen, verschillend van de tegenwoordige kansel-taal'. Het gaat over Galaten 3 vers 24: “De wet is onze tuchtmeester geweest tot Christus, opdat wij uit het geloof zouden worden gerechtvaardigd.”

Deze preek is het middel voor deze ernstige jongen tot zijn zaligheid. Onder het lezen wordt hij zo getroffen dat hij het huis uit vlucht naar de hooiberg en op zijn knieën valt om te worste­len aan Gods genade­troon om vergeving en genade. Uren worstelt hij om de zozeer begeerde zegen. Als zijn vader bezorgd is waar Paul toch wel blijft en hem gaat zoeken, hoort hij hem roepen en bidden. Bewe­ging­loos luistert hij: daar bidt zijn zoon! En overweldigd door een gevoel van zijn eigen zonden, knielt hij naast zijn jongen neer en smeekt ook om genade bij God. Kort daarna zoekt moeder in grote onrust haar man en zoon, die zo lang wegblijven. Ook zij komt bij deze beide worstelende en bidden geliefden op de knieën. En een broer en een zus worden met dezelfde Geest des gebeds bezield. Als zij hun broer Paul, hun vader en hun moeder zo horen smeken om genade, worden ook zij gedrongen te roepen tot God om deze weldaad. En op die dag vindt het gehele gezin, terwijl hun tranen van berouw zich ondereen vermengen, gunst en ver­giffenis bij God.

Natuurlijk wil Paul ─ die al eens met dominee Grimshaw heeft gespro­ken en die wel weet hoe hij ook door twijfel wordt geslingerd ─ dit heerlijke werk van God aan zijn dominee vertellen en hij leent hem die preek over de rechtvaardiging uit het geloof. Eens temeer verheugt dominee Grimshaw zich in de waarheid van de vrijspraak door middel van het geloof door de toegerekende gerechtigheid of wetsgehoorzaam­heid van Jezus Christus. Door deze preek ontvangt hij opnieuw een innerlijke vrede door het vertrouwen op het volbrachte werk van Chris­tus.

Zeven jaren lang, van 1734 tot 1741 heeft dominee Grimshaw gezocht naar de kennis van de vergeving van zijn zonden en de vrede met God. Al deze jaren ervoer hij een grote eenzaamheid, omdat hij bijna niemand kende die deze ervaring verstond. Toch kwamen gelijktijdig met hem meer en meer jonge mannen onder beslag van het Woord en werden zij gebracht tot diepe indruk­ken van dood en eeuwigheid en overtuiging van hun zonden en hun helwaardigheid voor God. Ook in de nabije omge­ving van Grimshaw. Maar hij kende ze niet en had er nog niet van ge­hoord.

Dit gaat veranderen, wanneer de dominee van Todmor­den verhuist naar Haworth. Dit stadje ligt in Yorkshire en was bij Grims­haw's komst een geestelijke woestijn. Dominee John Newton beschrijft de geestelijke toestand van de inwoners van Haworth als volgt: in het algemeen hadden zij weinig méér gevoel voor de dienst van God dan hun vee. Maar hij mag eraan toevoegen, dat het God behaagde om onder de bediening van de nieuwe predikant deze woestijn te maken tot een vruchtbaar veld. Het drankmis­bruik was in dit stadje schrikbarend. Grimshaw be­schrijft het als volgt: door dit vloeibare vuur drinkt men zich zijn hel al voor de tijd. De gemiddelde leeftijd was erg laag en de kindersterfte erg hoog. Al met al een erg ongezonde plaats om te wonen en te werken. Maar dominee Grimshaw wil zich wel verteren in de dienst des Heeren, om zielen te redden van het verderf.

De eerste preken van Grimshaw maken al diepe indruk: zijn hoorders worden erg onrustig en menigeen wordt onder diepe overtuiging van zonde gebracht. Velen worden bekommerd over hun zaligheid, waar ze voordien nooit aan dachten. De belang­rijkste onderwerpen in zijn preken van de eerste twee jaren in Haworth zijn: Gods wet en Gods straf. En juist deze onderwer­pen mogen voor de ongevoe­lige schare een middel zijn tot geestelijk ontwaken om de Heere te leren zoeken en naar ver­zoening met Hem te verlangen. Meer dan eens wenen de kerkgan­gers onder de ernstige preken van hun getrouwe dominee! Ja sommigen snikken het uit vanwege ernstige zielenood.

De hele gemeente is dikwijls in tranen vanwege hun beledigingen tegen God en onder het gevoel van Zijn goedheid om hen nog te sparen en nog te wachten om genadig te zijn. De prediking van dominee Grimshaw lijkt enerzijds op de donder van de Sinaï, maar anderzijds is zij vermengd met tranen, zoals de Verlosser weende over Jeruzalem.

Steeds meer mensen komen naar deze ernstige en geestelijke prediking luisteren. Het kerkgebouw is al gauw te klein en velen moeten buiten blijven staan om door de open ramen de preek te horen.

Iedereen die door de Geest wordt overtuigd, is ijverig om ook zijn gezinsleden onder het gehoor van deze prediking te brengen. Een voorbeeld daarvan vinden we in de volgende gebeurtenis.

Op een keer komt een plaatselijke boer uit nieuwsgierigheid onder het gehoor en het behaagt de Heere om hem die dag te maken tot een monument van Zijn genade, tot grote verrassing van al zijn buren. Deze man raakt nu ook erg bekommerd om zijn vrouw, die - zoals hij weet - verloren ligt. Hij kan de gedachte aan haar verlorenheid niet verdragen. Dikwijls praat hij met haar, maar zij haat de wegen van God en in het bijzonder de verandering die haar man onlangs heeft ondergaan. Iedere keer als hij haar probeert te bewegen om dominee Grimshaw te horen, antwoordt ze: `Ik ga niet om die zwarte duivel te horen!' Op een Sabbathmorgen zegt de boer tegen zijn vrouw: `Ik laat je hier niet achter; je gaat mee naar de kerk en als het niet goedschiks gaat, dan kwaadschiks.' Zij weigert hardnekkig, daarom doet hij haar haar goede kleren aan, neemt een stok en met grote vurigheid verklaart hij: `Elke keer dat je weigert te lopen, zal ik je slaan.' Want hij is vast besloten dat zij op deze dag dominee Grimshaw zal horen.

En dit is net de dag die God heeft bepaald om aan haar kostbare ziel genade te bewijzen. Ze keert terug in grote verslagenheid en de volgende Sabbath gaat ze zonder dwang mee. Later vertelt ze: `Hij dreef me voort, zoals een koe naar de markt. Ik ging, maar ik schreeuwde en verwenste dominee Grimshaw, heel de weg.' En ze woonden ongeveer tien kilometer van de kerk af ... Deze vrouw is één van de meest toegenegen luisteraars geworden die dominee Grimshaw had.

Zo hebben we iets gezien van Gods grote werk in Engeland, ruim tweehonderd jaren geleden, in een tijd dat het bijzonder geesteloos was! Het is goed voor jullie om eens zoiets te lezen. God is immers Dezelfde in kracht en goedheid! Daarom, wees ook in deze geesteloze en goddeloze tijd niet moedeloos! Je mag voor jezelf persoonlijk én voor de kerken in ons vaderland de Heere smeken om dezelfde uitstorting van Zijn Heilige Geest. Dominee Grimshaw begreep er eerst ook niets van en toch heeft onze Grote Profeet en Leraar het hem allemaal geleerd ...!

`De vreze Gods heerste in het hart van Job en was het beginsel dat hem in heel zijn levenswandel bestuurde. Dat maakte hem vroom en oprecht, innerlijk en geheel voor God, een man van één stuk in de dienst van God. Dat hield hem standvastig dichtbij zijn plicht. Hij vreesde God, had eerbied voor Zijn majesteit, gaf acht op Zijn gezag en vreesde Zijn toorn.'

`Zij die voor een groot gezin hebben te zorgen, moeten bedenken dat wat met wijsheid in gaven aan de armen wordt uitgegeven, de beste rente draagt en in het beste fonds wordt belegd ten voordele van hun kinderen.'

`Ouders kunnen aan hun kinderen geen genade geven (het is God, Die heiligt), maar zij behoren door gepaste vermaningen en raadgevingen hun heiligmaking te bevorderen. In hun Doop werden zij aan God gewijd, laat het onze begeerte en ons streven zijn dat zij voor Hem geheiligd zullen worden.'

`Veel van het lieflijke en aangename van dit leven ligt in vriendschap met hen die verstandig en deugdzaam zijn; en wie enigen van zulke vrienden heeft, behoort hoge prijs op hen te stellen.'

`Als wij denken aan de ongerechtigheid waarin wij ontvangen en geboren zijn, dan hebben wij reden genoeg om met smart en schaamte op de dag van onze geboorte te zien, en te zeggen dat de dag van onze dood, waardoor wij bevrijd worden van zonde, veel beter is. Maar laat ons opmerken tot eer van het geestelijk leven boven het natuurlijke leven, hoewel velen de dag van hun eerste geboorte hebben vervloekt, dat er nooit iemand geweest is die de dag van zijn nieuwe geboorte heeft vervloekt of gewenst heeft dat hij maar nooit genade had ontvangen, dat hem nooit de Geest der genade was gegeven.'

`Gods voorzienigheid heeft voor ons een genadige en tedere zorg gehad toen wij in de wereld kwamen. Hieraan hebben wij het te danken dat wij niet direct gestorven zijn. Dus niet omdat wij dit verdienden. Zeer terecht zou zulk onkruid uitgerukt zijn geworden zodra het opkwam. Ook niet omdat wij zelf enige zorg voor onszelf en voor onze veiligheid genomen hebben of hadden kunnen nemen; geen schepsel komt zo hulpeloos ter wereld als de mens. Het was niet onze macht die ons bestaan bewaarde; maar Gods macht en voorzienigheid onderhield ons broos leven; Zijn mededogen en Zijn geduld spaarde ons verbeurd leven. Door de hand van de God der natuur wordt de natuurlijke liefde in het hart van ouders gelegd.'

Over psalmboek.nl

Contact

Copyright 2021


Sponsor: Erdee Media Groep